Je spieren gebruiken energie om te bewegen.
Maar dat bewegen doet óók iets met je lichaam.
En daar wordt het interessant.
Want als je denkt dat spieren alleen maar een soort motor zijn die brandstof verbrandt om je armen en benen te laten bewegen, mis je een behoorlijk mooi stukje biologie.
Je lichaam blijkt veel slimmer georganiseerd.
Het werkt niet met één richting.
Het werkt met een heen-en-weer.
Energie maakt beweging mogelijk.
Beweging geeft informatie terug aan het lichaam.
Een medaille met twee kanten.
Eerst even terug naar energie
Om te kunnen bewegen heeft een spier energie nodig.
Die energie wordt uiteindelijk beschikbaar gemaakt in de vorm van ATP: adenosinetrifosfaat.
ATP is als het ware de direct beschikbare energievaluta van de cel.
Bij een spiercontractie wordt ATP gebruikt om de interactie tussen actine en myosine mogelijk te maken. Tegelijkertijd kost ook het regelen van calcium en het herstellen van ionenverschillen energie.
Dus:
voeding → stofwisseling → ATP → spiercontractie → beweging
En mitochondriën spelen daarbij een hoofdrol.
Zij zetten voedingsstoffen en zuurstof om in ATP, zodat de spier kan blijven werken.
Tot zover klinkt het allemaal logisch.
Maar nu draaien we het om.
Want wat doet beweging met de spier?
Hier komt het leuke gedeelte.
Een spier is niet alleen een apparaat dat een opdracht uitvoert.
Een spier voelt ook dat hij belast wordt.
Rekken.
Drukken.
Trekken.
Spanning.
Ontspanning.
Verandering van vorm.
Die mechanische informatie kan worden omgezet in elektrische en biochemische signalen.
Dat noemen we mechanotransductie:
mechanische kracht → biologisch signaal
Onderzoek naar skeletspieren laat zien dat mechanische belasting allerlei cellulaire signaalroutes kan beïnvloeden.
En daar komt nog een prachtig stukje biologie bij.
Mechanische beweging kan elektrische effecten veroorzaken
Sommige biologische structuren, waaronder collageenrijke weefsels, kunnen bij vervorming elektrische potentialen ontwikkelen. Dit wordt in verband gebracht met piëzo-elektrische eigenschappen en andere mechanismen waarbij mechanische belasting en elektrische signalen aan elkaar gekoppeld zijn.
Maar let op:
Dat betekent niet dat je spier door een paar squats ineens zijn eigen ATP-fabriek op zonne-energie heeft gebouwd.
Zo simpel is het niet.
De energie voor spiercontractie komt uit de stofwisseling.
De interessante ontdekking is iets anders:
mechanische beweging en elektrische/chemische signalering zijn geen twee volledig gescheiden werelden.
Ze beïnvloeden elkaar.
En daar wordt die medaille zo mooi
Kijk:
Kant 1
Chemische energie → mechanische energie
Je eet.
Je lichaam verwerkt voedingsstoffen.
Mitochondriën maken ATP.
ATP maakt spiercontractie mogelijk.
De spier beweegt.
Voeding → ATP → beweging
Kant 2
Maar dan gebeurt er iets terug:
Mechanische belasting → elektrische/biochemische signalen
Je beweegt.
Je spier wordt belast.
Cellen merken dat.
Mechanische krachten worden vertaald naar signalen.
Die signalen kunnen processen beïnvloeden die te maken hebben met aanpassing, onderhoud en herstel.
Beweging → informatie → aanpassing
Dat is de andere kant van de medaille.
Je lichaam praat dus niet alleen chemisch
We denken bij communicatie in het lichaam vaak aan hormonen.
Of zenuwen.
Of neurotransmitters.
Maar je lichaam communiceert óók via krachten.
Een spier die wordt belast, is niet simpelweg:
“Au, er staat spanning op mij.”
De belasting zelf kan informatie bevatten.
De cel kan als het ware reageren op:
Hoeveel kracht?
Hoe lang?
Hoe vaak?
Welke richting?
Welke verandering?
Dat is mechanobiologie.
En het is één van de redenen waarom bewegen zoveel meer is dan calorieën verbranden.
Daarom is stilzitten biologisch gezien ook interessant
Niet omdat zitten “slecht” is.
Maar omdat een lichaam dat weinig beweegt ook weinig mechanische informatie krijgt.
Spieren worden minder belast.
Gewrichten bewegen minder.
Bindweefsel krijgt andere mechanische prikkels.
Cellen krijgen andere signalen.
Het lichaam past zich voortdurend aan aan de omstandigheden waarin het zich bevindt.
Mechanische belasting is daarbij één van de signalen waarop spier en andere weefsels reageren.
En daar zit een prachtige paradox.
Je moet energie gebruiken om te bewegen…
…maar bewegen helpt vervolgens je lichaam om met die energie en belasting om te gaan.
Dat is dus geen verspilling.
Het is communicatie.
Je lichaam zegt als het ware:
“Dit is wat ik van je vraag.”
En je lichaam past zich daarop aan.
Wil je kracht?
Dan geef je het lichaam krachtprikkels.
Wil je uithoudingsvermogen?
Dan geef je het een ander soort prikkel.
Wil je soepel blijven?
Dan is bewegen óók informatie.
Niet omdat één magische beweging alles oplost.
Maar omdat een levend lichaam voortdurend informatie uit zijn omgeving gebruikt om zich aan te passen.
En daar komt die oude vraag weer terug:
Waar komt energie eigenlijk vandaan?
We begonnen met:
“Ik moet energie hebben om te kunnen bewegen.”
Klopt.
Maar vervolgens ontdekken we:
“Mijn beweging geeft mijn lichaam óók informatie.”
En ineens is beweging niet meer alleen een energieverbruiker.
Het is óók een signaalgever.
Dat vind ik misschien wel het mooiste aan spieren.
Ze zijn tegelijkertijd:
motor én sensor.
Ze produceren kracht.
Ze gebruiken energie.
Ze ontvangen signalen.
Ze geven signalen door.
En ze veranderen mee met wat je van ze vraagt.
De medaille
Dus misschien moeten we stoppen met denken:
energie → beweging
en het hele plaatje zien:
energie → beweging → signalen → aanpassing
En vervolgens:
aanpassing → andere capaciteit → andere beweging → andere energievraag
Een voortdurende lus.
Een systeem.
Geen machine die één richting op werkt.
Maar een lichaam dat voortdurend heen en weer communiceert.
En misschien is dat wel een veel betere manier om naar bewegen te kijken.
Niet alleen:
“Ik moet bewegen omdat dat gezond is.”
Maar:
“Als ik beweeg, geef ik mijn lichaam informatie.” Positief
En dát maakt bewegen ineens een stuk interessanter.
Voor nu: Eén laatste gedachte (; )
De volgende keer dat je opstaat uit je stoel, je schouders beweegt of een wandeling maakt, denk dan niet alleen:
“Ik verbrand energie.”
Denk ook:
“Ik geef mijn lichaam informatie.”
Want je lichaam is niet alleen bezig met wat jij ermee doet.
Het is ondertussen ook bezig te “leren” wat het daarmee moet doen.
Energie maakt beweging mogelijk.
Beweging geeft informatie.
En informatie helpt het lichaam zich aan te passen. Lees wat kunnen
De medaille heeft inderdaad twee kanten.
